Biefstuk bakken lijkt simpel, maar als je het écht goed wilt doen, moet je met een paar dingen rekening houden. Een sappige biefstuk met een mooie korst krijg je niet zomaar. Gelukkig heb ik door de jaren heen de beste technieken ontdekt. In deze gids leer je precies hoe je een biefstuk perfect bakt, hoe je de gaarheid checkt met het vingerfoefje en wanneer je de oven moet gebruiken.
Hoe bak je biefstuk:
Stap 1: De juiste voorbereiding
Zoals je weet, begint een goede biefstuk al voordat hij de pan raakt. Haal het vlees minstens 30 minuten van tevoren uit de koelkast. Waarom? Omdat een koude biefstuk ongelijk gaart. Laat hem dus op kamertemperatuur komen.
Dep hem vervolgens droog met keukenpapier. Dit klinkt misschien overbodig, maar een droge biefstuk zorgt voor een betere korst. Bestrooi hem daarna met zout en peper. Meer heb je niet nodig—de pure smaak van goed vlees is al fantastisch.
Verhit een zware pan, zoals gietijzer of roestvrij staal. Voeg een klein beetje olie toe en zorg dat de pan echt heet is voordat je het vlees erin legt. Dit zorgt ervoor dat de buitenkant snel dichtschroeit en de sappen behouden blijven.
Stap 2: Het bakken van de biefstuk
Leg de biefstuk in de pan en raak hem niet aan. Laat hem rustig bakken en draai hem pas om wanneer de onderkant mooi bruin is. Dit duurt meestal 1 tot 4 minuten, afhankelijk van hoe je hem wilt.
Wil je weten hoe lang jouw biefstuk moet bakken? Gebruik deze handige tabel:
Garing | Dikte biefstuk | Baktijd per kant | Kern-temperatuur |
---|---|---|---|
Rare | 2 cm | 1-2 min | 48-52°C |
Medium-rare | 2 cm | 2-3 min | 52-55°C |
Medium | 2 cm | 3-4 min | 55-60°C |
Medium-well | 2 cm | 4-5 min | 60-65°C |
Well done | 2 cm | 5-6 min | 65°C+ |
Gebruik een kernthermometer voor de beste controle.
Stap 3: Het vingerfoefje – zo check je de gaarheid zonder thermometer
Echter, niet iedereen heeft een thermometer in huis. Gelukkig is er een makkelijke manier om de gaarheid te controleren: het vingerfoefje:
Stap 4: Grote steaks en nagaren in de oven
Mocht je nu een grote steak of een hele ossenhaas bereiden, dan kan je deze laten nagaren in de oven. Ook hier geldt weer dat je de steak op kamertemperatuur laat komen voordat je hem bakt. Bij een grote steak duurt dit langer, dus haal hem een uur van tevoren uit de koelkast.
Zo doe je dat:
- Verwarm de oven voor op 130˚C.
- Zet een bakpan of grillpan op hoog vuur.
- Gebruik je een bakpan? Voeg olie toe en laat het goed heet worden. Gebruik je een grillpan? Vet dan de steak zelf in met olie en doe géén olie in de pan.
- Schroei de steak aan beide kanten goudbruin in de pan.
- Haal de steak uit de pan en steek een kernthermometer in het dikste deel van het vlees.
- Leg de steak op een rooster boven een ovenplaat en schuif dit in de oven.
- Laat de steak garen tot de gewenste kerntemperatuur is bereikt (zie tabel hierboven).
- Haal de steak uit de oven en laat hem 10 minuten rusten onder aluminiumfolie.
Dit zorgt ervoor dat de sappen zich opnieuw verdelen en je een sappig, mals stuk vlees krijgt.
Stap 5: Laat de biefstuk rusten
Ook een veelgemaakte fout: de biefstuk meteen aansnijden. Doe dat niet! Laat hem minstens 5 minuten rusten. Hierdoor verdelen de vleessappen zich gelijkmatig, waardoor je een sappiger en malser stuk vlees krijgt. Dek de biefstuk losjes af met aluminiumfolie en wacht even.
Extra tip: De perfecte korst
Wil je een biefstuk met een extra krokante korst? Dep hem nog een keer droog voor het bakken. Gebruik eerst olie in de pan en voeg na het omdraaien een klontje boter toe. Lepel die boter steeds over de biefstuk voor een diepe, rijke smaak.
Zo bak je voortaan biefstuk als een echte chef. Veel kookplezier!
Eén reactie